dr. Natascha Notten

 

Ik ben Natascha Notten, socioloog, onderzoeker en oprichter van onderzoeksbureau Gelijkschap. Mijn werk draait om één centrale vraag: waarom lukt het sommige kinderen, jongeren en gezinnen wél om kansen te grijpen in een omgeving waar die schaars zijn?

Al jaren onderzoek ik kansen(on)gelijkheid en de rol die gidsen (mensen die de weg wijzen) en alternatief kapitaal (vaardigheden en talenten die vaak over het hoofd worden gezien) daarin spelen. Wat mij drijft, is de overtuiging dat iedereen beschikt over waardevolle bronnen om vooruit te komen – alleen worden die niet altijd (h)erkend door school, beleid of samenleving.

Vanuit Gelijkschap verbind ik wetenschap en praktijk. Ik werk samen met fondsen, maatschappelijke organisaties en onderwijsinstellingen aan projecten die bijdragen aan meer geloof in eigen kunnen en gelijke kansen. Vaak doe ik dit via verdiepende interviews, social design en actieonderzoek, waarbij kinderen, jongeren, ouders en professionals zelf aan het woord zijn. 

Ik beweeg me op het snijvlak van onderzoek, beleid en praktijk – en juist daar ontstaan de vernieuwende inzichten die nodig zijn om systemen eerlijker te maken. Of het nu gaat om opgroeien in gezinnen waar lezen en schrijven niet vanzelfsprekend is, om de relatie tussen woonwagenbewoners en school, de rol van kunst in gemeenschappen of  jongeren en hun mentale gezondheid en bestaanszekerheid: mijn werk laat zien hoe kansenongelijkheid in de praktijk werkt én wat we er samen aan kunnen doen.

Wat mij telkens weer energie geeft, is het samenwerken met mensen – kinderen, jongeren, ouders, vrijwilligers, professionals – en het moment waarop er nieuwe inzichten ontstaan. Dáár begint verandering.

Naast onderzoeker ben ik ook spreker en adviseur. Ik vind het belangrijk om complexe thema’s toegankelijk te maken, of dat nu in een rapport, beleidsadvies of een lezing is.

Mijn missie

“In alles wat ik doe, staat één missie centraal: bijdragen aan een samenleving waarin ieders talent telt. En dat begint met zien wat er al is.”

(En mijn doctorstitel? Die gebruik ik alleen wanneer ik denk dat hij helpt om een brug te slaan.)